We kunnen er niet aan ontsnappen: wandelen is HOT. Sinds corona hebben veel mensen de weg naar de wandelschoen gevonden, en de stijging van honden als huisdier is hier niet toevallig aan gelinkt. The call of nature roept luider dan ooit en je wilt de wijde wereld (of de knooppuntenlus) intrekken met je furry friend. Maar hoe bereid je jezelf en jouw hond nu goed voor hierop? In deze blog bespreek ik hoe je jouw hond al traint in functie van avontuur vanaf dag 1!
Disclaimer: ik ben geen hondentrainer en heb geen specifieke opleiding. Ik ben zelf naar de hondenschool gegaan met Molly en pluk nog steeds de vruchten van alles wat ik hier heb geleerd. Gestaafd met deze opgedane kennis, wil ik jullie informeren.
Geduld tijdens de puppytijd
Je hebt je research gedaan: welk ras past het beste bij mijn levensstijl? Je hebt fokkers gaan opzoeken, of je hebt eindelijk een schattige puppytje van een pleziernestje van de lieve honden van vrienden. Eindelijk is die puppy in huis! Iedereen die dit al heeft meegemaakt zal het kunnen beamen: het is eerst veel leren en ‘ogen op uw gat’ hebben 😉
Basiscommando’s
Gun jezelf en je nieuwe beste vriend(in) daarom de tijd om elkaar beter te leren kennen. Begin al vroeg met een vaste routine en met basiscommando’s zoals zit, lig en blijf of ga eventueel naar de hondenschool voor een tijdje. Zo bouw je een vaste basis van vertrouwen, voorspelbaarheid en structuur waarin jouw puppy zich veilig voelt. Want als een hond zich veilig voelt en zelfvertrouwen heeft, is het trainen een fijnere ervaring voor alle twee.

Zoek de manier waarop jij je puppy het beste kan motiveren (over het algemeen zijn snoepjes wel het makkelijkst) en probeer 10min per dag specifiek bezig te zijn met de ‘training’. Langer hoeft niet, want de aandachtspanne van een puppy is erg kort. Sluit dit moment consequent af door de snoepjes weg te doen en eventueel een commando zoals ‘gedaan’ te koppelen hieraan. Zo is het duidelijk voor je puppy dat het leren gedaan is, en je terug kunt spelen of rusten.
Wennen aan de afstand
Tijdens het eerste levensjaar is het belangrijk dat je nog niet teveel fysieke inspanning vraagt van je puppy. De vuistregel voor wandelingen is 5 minuten per levensmaand. In het begin is dit dus gewoon de straat uit en terug! Het is ook een leermoment om aan de leiband en harnas te wennen. Sommige high-energy rassen kunnen wel veel meer activiteit vragen dan die vuistregel, maar probeer hier echt op te letten. Teveel fysieke belasting in de puppytijd geeft een significante verhoging op het risico op gewrichtsproblemen in het latere leven.
Vanaf 1 jaar kan je beginnen met de ‘volgende fase’: het voorbereiden op de langere afstanden! En zoals dat gaat bij ons is het best dat je klein start. Ook al kan jij al met gemak 25km knallen, jouw hond kan dit nog niet! Start met een korte afstand, zoals 5km (als je dit nog niet gedaan hebt) en check hoe je hond hierop reageert. Gaat hij/zij tijdens de wandeling vaak gaan liggen of verlaagt het tempo snel? Schakel dan over naar meerdere korte wandelingen per week. Zo train je de conditie van jouw hond. Kijk ook naar het gedrag na de wandeling: is hij/zij stijf? Dan heb je misschien te snel te veel willen doen. Schakel dan ook terug enkele keren in de week een kortere wandelingen.

Je zal al snel merken dat de conditie verbetert, en dan kan je ook gestaag de kilometers verhogen! Steek er ook af en toe een wandeling met wat pittige hoogtemeters in. Want net zoals wij, moet jouw hond hier ook aan wennen 🙂 Natuurlijk heb je sommige rassen (zoals Border Collie en Mechelse Herders) die high-energy zijn en dus los over hun eigen grenzen gaan. Mijn hond heeft de hare zelfs nooit aangegeven! Probeer hoe dan ook rustig op te bouwen, zo kan je gewrichtsproblemen later in het leven beperken.
Bevoorrading tijdens de hike
Water
Net zoals jij krijgt jouw hond ook honger en dorst tijdens het wandelen. Neem daarom zeker een flesje water mee. Deze komen in alle vormen en maten, maar het makkelijkst vind ik om er eentje te kopen met een uitvouwbare drinkbak aan de fles bevestigd. Zo moet je niet zeulen met én een waterfles, én een drinkbak. Na het drinken kan je het overgebleven water dan terug in de fles doen, wat handig is voor de langere hikes en de dorstige honden 😉
Snack
De hondensnack die je kiest, is afhankelijk van het type wandeling die je gaat doen, het doel van de snack en de gezondheid van je hond. Voor we verdergaan is het belangrijk om te weten wat je hond nodig heeft.
Enerzijds hebben we proteïne, de spiereiwitten. Dit is belangrijk voor de spierhesstel en -opbouw, vooral bij actieve honden of lange wandelingen. Anderzijds hebben we vet, de energiebron. Dit is voor honden dé belangrijkste energiebron, zelfs beter dan koolhydraten. Het is ideaal voor lange en intensieve wandelingen.
Lees alles over het kiezen van de juiste snack in de blog ‘Hoe kies je een goeie hondensnack?‘
Rust na de wandeling
Voldoende rust na een wandeling is (opnieuw, net als bij ons!) minstens even belangrijk als de wandeling zelf. Het is een moment waarop het lichaam herstelt, oplaadt en stress verlaagt. Honden leren ook al doende, dus als een wandeling op zich leuk was en het resultaat hierna is ook positief, dan wordt dit geconditioneerd als een leuke belevenis. Zo zal jouw hond de leiband al snel linken aan iets positiefs, waardoor het voor jullie allebei een ontspannende en leuke hobby wordt!
Waarom is rust nu zo belangrijk? Wel, tijdens het wandelen worden de spieren belast en ontstaan er kleine scheurtjes in de spiervezels. In de rustperiode daarna worden deze hersteld en sterker gemaakt. Zonder voldoende rust kan je hond sneller last krijgen van overbelasting of zelfs blessures. Zeker als het gaat om jonge honden die nog in de groei zijn of oudere honden met gevoelige gewrichten.
Rust helpt daarnaast om de hartslag en ademhaling weer op een normaal niveau te brengen. Na fysieke activiteit blijft het lichaam nog even in een verhoogde staat van alertheid. Door rustig te liggen, krijgt het hart de kans om weer in het gewone ritme te komen en kan de hond volledig herstellen. Ook mentaal is rust belangrijk: tijdens een wandeling verwerkt een hond enorm veel prikkels, zoals nieuwe geuren, geluiden en ontmoetingen met andere honden of mensen. De rust erna geeft het brein de tijd om deze indrukken te verwerken en voorkomt overprikkeling.

Hoe zorg je voor een goed rustmoment
Als je net zoals ik een border collie of een high-energy ras hebt, weet je al lang dat het belangrijk is dat je dit moet ‘afdwingen’. Sommige rassen hebben namelijk geen ‘af knop’, waardoor ze maar blijven doorgaan. Hier ligt het risico op overprikkeling en ongewenst gedrag. Maar hoe kan je jouw hond nu ‘dwingen’ om te rusten?
Eerst en vooral is het belangrijk om thuis een rustige plek te creëren waar hij zich veilig voelt, bijvoorbeeld een vaste mand, mat of bench weg van de drukte. Geef hem of haar na thuiskomst geen extra prikkels zoals intensief spel of training, maar laat je hond met rust en geef ze het commando om naar hun rustplek te gaan. Respecteer hierna het rustmoment door je hond niet onnodig te storen wanneer hij gaat liggen of slapen. Volwassen honden hebben na een stevige wandeling vaak minstens één tot twee uur ononderbroken rust nodig. Voor pups en oudere honden kan deze periode zelfs langer zijn. Door wandelingen op vaste tijden te plannen en ook vaste rustmomenten in te bouwen, ontstaat er een dagstructuur waarin inspanning en herstel mooi in balans zijn.
Vergeet voor de rust zeker niet om een snack te geven, voor een goed fysiek herstel. Lees hierover alles in de blog ‘Hoe kies je een goeie hondensnack’.
Happy hiking!


